Onze vissen hebben een aparte ruimte in de kelder welke wordt verwarmd door de centrale verwarming en op de juiste temperatuur wordt gehouden door elektrische thermostaten in de bak.

Het onderscheiden van mannetjes en vrouwtjes is vaak zeer moeilijk. Het mannetje heeft soms langere aarsvinnen en zijn rugvin loopt soms uit in een punt. Mannetjes hebben doorgaans een dikkere kop maar wel een dunner lijf en worden tot 22 cm groot, vrouwtjes blijven vaak een aantal cm kleiner.
Zekerheid over een vrouwtje hebben we pas als het heeft afgezet en zekerheid over een mannetje hebben we wanneer er larven zijn.

Onze volwassen vissen zitten verzameld in 2 bakken van elk 650 liter.
Om snel resultaten te behalen komt het er op neer dat de vissen zelf hun partner kiezen, daarom bepaalden we vooraf welke vissen we samen zetten in de bak om ongewenste resultaten te minimaliseren.

Je neemt de tijd om te observeren en al gauw, als de waterparameters optimaal zijn, zie je dat er zich koppeltjes vormer. Dansende verliefde paartjes worden verhuisd naar de kweekbakken. Let op, vissen van hetzelfde geslacht kunnen ook deze dansjes maken. Zelfs in geval van 2 vrouwtjes een gelijktijdige afzet. Veel eieren, dat wel maar natuurlijk geen resultaat.

Bijna nooit komt het tot een goed resultaat in de grote bak. Het koppel gaat in verdediging telkens een andere vis in de buurt van het legsel komt. De andere vissen gaan de eieren aanzien als kaviaar en mocht het tot larven komen gaan ze deze als lekkere snoepjes aanzien.

Heeft er zich een koppeltje Blue-diamonds gevormd dan is dit nog niet de garantie dat de jongen allemaal Blue-diamonds zijn. Veel hangt af van de erfelijkheid van beide ouders. Bij de foto's van onze uitzwemmers kan je dan soms ook verschillende soorten aantreffen.



poetsen van de kegel
legbuis

In de kweekbak gaan we de waterwaardes aanpassen opdat de legsels niet gaan beschimmelen. We werkten met 6 kweekbakken van 50/50/50 die zijn aangesloten op een bioloog, samen goed voor 1200 liter water. De ms (microsiemens) brengen we naar 100 à 150, de temp. rond de 28°, de gh tussen de 5 à 6 en de ph naar een kleine 6 , dit niet te bruusk, wel verspreid over een aantal dagen. Om deze waardes te bekomen maken we gebruik van regenwater dat over actieve kool werd gefilterd. Halen we de ms.-waarde niet dan voegen we dagelijks wat osmosewater toe. Wanneer het koppel donkerder wordt van kleur, als ze trillend voor de kegel staan en de kegel heftig beginnen te poetsen, dan mag je binnen het uur een eiafzet verwachten. De legbuis van 3 à 4 mm lang bij het vrouwtje wordt duidelijk zichtbaar.


afzet en bevruchting
veel slechte eitjes, weinig goede

De eieren zijn pas bevrucht als het mannetje direct na het afzetten door het vrouwtje de eieren besproeid. Na elke opgaande beweging tegen de kegel van het vrouwtje volgt er normaal gezien een opgaande beweging van het mannetje en dit liefst binnen de 30 seconden. Het afzetten kan wel een uurtje duren, het proef afzetten van het vrouwtje niet meegerekend.

Een normaal legsel bevat een 150 à 200 eieren. Een top legsels zelfs tot 500. De eieren worden afwisselend door het ouderpaar bewaaierd met de borstvinnen om ze van zuurstof te voorzien. Goede eieren zijn helder van kleur, slechte eieren gaan na 24 uur wit beschimmelen, de goede vertonen allemaal een zwarte stip. Na 50 à 60 uren, afhankelijk van de temperatuur komen ze uit. Methyleenblauw kan helpen bij het voorkomen van beschimmeling. Niet bevruchte eitjes zullen hoe dan ook gaan beschimmelen.

Het is best mogelijk dat het ouderkoppel de niet bevruchte eitjes eruit plukt. Om te vermeiden dat ook goeie eitjes worden weggenomen kan men een gaas over de kegel plaatsen. Opmerken dat de vissen eerder in de gaten hebben wanneer hun legsel niet goed is en ze dan ook direct overgaan tot het opruimen hiervan. Blijkt het voor de ouders niet meer de moeite te zijn dan kan heel het nest worden opgeruimd. Heb jezelf een koppel samengesteld, hebben ze zelf niet mogen kiezen, staan de vissen door één of andere reden onder stress, dan valt het voor dat de man elk zopas geplaatst ei opeet.


larven 2 dagen oud
dolende larven

De larven teren de eerste dagen nog op de eierzak waaraan ze hangen.
Een 3-tal dagen later zie je ze loskomen van de kegel en als het goed zit gaan ze in de richting van het donkerder gekleurde ouderlichaam.

Gedurende de laatste dagen hebben de ouders secreet aangemaakt wat de komende 5 dagen als hoofdvoedsel zal dienen voor de jonge larven.
Het koppel probeert de jongen verzameld te houden door ze in hun bek steeds weer op te vissen om ze daarna op het verzamelpunt uit te spuwen.

Beginnen de larven te dolen dan kan dit wijzen op een gebrek aan secreet maar de eigenlijke oorzaak is nog niet achterhaald. Uit eigen ervaring weten we dat bij het kweken met lichter gekleurde vissen zoals de Pigeon het heel wat moeilijker is om de larven op het lichaam te krijgen. Het verlagen van het waterniveau in deze kweekbak leidt soms wel eens tot succes. Nachtverlichting kan er voor zorgen dat de larven 's nachts niet beginnen te dwalen.

De jongen groeien snel op en al gauw moet men bijvoederen.
Het beste wat je kan geven zijn zelf uitgebroede artemia. zie kweken van artemia.
Buikje roze, geslaagde operatie en vanaf nu gaan we de hoeveelheid dagelijks opvoeren.
Geleidelijk aan gaan we ook ander voedsel geven zoals er zijn : bosmiedenen, cyclops en watervlooien. Maal het ouderlijk eten heel fijn want ook hiervan zullen ze straks gaan eten.

Ondervind je dat de jongen zelfstandig genoeg zijn, niet meer naar het lichaam gaan en ongeveer een cent groot zijn dan mag je er aan denken om ze naar de uitzwemmers over te hevelen. Achtergebleven jongen die na 4 weken beduidend kleiner blijven dan de rest zullen steeds kleiner blijven. Als kweker moet je hier hard zijn en de achterblijvers, vaak misvormde jongen verwijderen.(doden) De meest vriendelijke manier is ze in te vriezen in een bakje water.



Uitzwemmers
De waterwaardes in de bakken voor de uitzwemmers zijn bij benadering dezelfde als die in de kweekbak. Let wel: Steeds overhevelen en niet zomaar van de ene bak in de andere !
Probeer de ph langzaamaan wat naar boven te krijgen dan groeien de jongen sneller en beter op. Dit is ook handig als ze naar een andere eigenaar verhuizen en deze zijn nieuwste aanwinst bijna direkt op leidingwater kan plaatsen. De ph kan men zelfs al verhogen in de kweekbak. Een hogere ph verhoogd nl. de productie van secreet bij het ouderpaar. Staan er andere kweekbakken op eenzelfde filter en heb je net een ander legsel dan sta je wel voor de keuze.
Maar de mooielijkste keuze blijft wel het selecteren van het jongbroed.
Nu we de jonge visjes toch in ons net hebben kunnen we ze best nu controleren op eventuele afwijkingen. Wat niet aan de eisen voldoet moet eruit.


NOG EVEN IETS OVER HET SELECTEREN.

Een kweker heeft de morele plicht, niet alleen t.o.v. de toekomstige klant maar ook t.o.v. het welzijn van de levenskwaliteiten van de vissen, zijn jonge vissen te selecteren.
Geen enkele koper is gediend met een discusvis die de normen ervan niet beantwoord, geen enkele vis is gediend met flagrante afwijkingen.
Trouwens, in de natuur zouden zij het eerste slachtoffer zijn in de voedselkring. Vaak kom je discussen tegen die de naam discusvis niet eens waard zijn. Wordt hiermee dan nog eens verder gekweekt, waarmee zijn we dan eigenlijk bezig. Hier in België noemen we dat "broodfokkers". Inderdaad, massa productie brengt nog iets op.

Selectie is de meest ondankbare maar één van de meest noodzakelijke bezigheden van een kweker.
Een juiste en harde selectie maakt de kweker onder de kwekers. Al mag je nog voor 200 % je best doen, aan de wetten van de natuur kan je niet raken.
Uit een combinatie die geheel niet compatibel is kan 100 % uitval voorkomen. Het ligt dus voor een groot deel aan de genen van de ouders ook al mag je de samenstelling van het water tijdens de opfok niet verwaarlozen.
Het ontbreken van de bovenvin van alle jongen is hiervan een voorbeeld.

Je kan de vissen zelf hun partner laten kiezen uit je eigen groepsselectie. Dit zal ook hier ten goede komen aan het broedverloop en aan de opgroei van de jongen, maar afwijkingen worden op deze manier niet uitgesloten.
Mogelijke afwijkingen kan je als kweker voorspellen uit ervaringen : foutieve combinaties uit het verleden, uit reeds gekende erfelijke gebreken.

Waarom selecteren ?

- Omdat we de vissen in bakken houden en moedernatuur niet in staat is een selectie door te voeren.
- Omdat we onze idealen willen nastreven op schouwelement.

Waarop gaan we selecteren ?

Voornamelijk op uiterlijke gebreken.
- Kieuwdeksels staan mooi sluitend op het lichaam. Halve en te kleine kieuwdeksel zijn ongewenst.
- Volgroeide vinnen. Zowel bovenvin als aarsvin hebben de juiste aanzet en zijn volledig. Vinnen lopen in een vloeiende lijn om het lichaam.
- Groei achterstand. Achterblijvers zijn kleiner door gebrekkige eetlust of verstoting.
- Vorm. Een mooie discus is rond en heeft een vlak lichaam. Spitse vissen kenden een voedingsprobleem of leefden in slecht water.
- Kenmerken eigen aan de soort. Denken we hierbij aan de gewenste grondkleur en de dwarsstrepen van bv. een Turquoise of Snakeskin die ononderbroken recht moeten zijn.
Deze twee laatsten moet men niet bij misvorming rekenen. Het zijn eerder schoonheidsfouten die niet hoeven te lijden tot de dood.
Het al dan niet verkopen van deze dieren is een beslissing van de kweker. Een kenner is niet geneigd deze in zijn collectie op te nemen, een beginnende liefhebber moet door de kweker op deze fouten worden gewezen.

Wanneer selecteren ?

- Een eerste selectie wordt gedaan door de ouders. Zij zien, eerder dan wij, wanneer er iets fout loopt.
- Volgende selecties gebeuren telkens we één van bovenvernoemde gebreken waarnemen maar de eigenlijke, grote selectie is op het moment dat we beslissen ze over te hevelen naar de uitzwemmers. Op dit moment kan men de visjes ook keuren buiten het water. We hebben ze dan toch in ons netje en hoeven we ze geen extra stress te bezorgen door er een tweede keer op te jagen.

Een selectie in positieve richting.

- Is een selectie die de kweker uitvoerd om zijn eigen bestand aan te vullen.
Uiteraard vertrekt hij vanuit een groep "betere" vissen waaruit hij systematisch een keuze zal maken.
Het moment voor de geinteresseerde liefhebber zou ik denken.



EEN TIP

Door de geleidbaarheid en de zuurtegraad te verlagen en door eventueel de waterstand in de kweekbak te verhogen, denken onze discussen dat het regenseizoen is aangebroken en gaan aldus vlugger over tot paaien.


veel succes !